écoutez avec le cœur, voyez avec les oreilles
Als woorden tekortschieten:
een piano herdenking
en een eeuwenoud gebed
over hoop in de duisternis.
Écoutez avec le cœur,
'voyez' avec les oreilles.
"Luisteren met het hart, 'kijken' met de oren."
— Nobuyuki Tsujii (bron: Amsterdam Sinfonietta)
Inleiding
De komende tekst is een persoonlijke reflectie, geïnspireerd door een psalm en een muziekstuk. Hoewel mijn interpretatie christelijk is, hoop ik dat de thema's troost, hoop en kwetsbaarheid iedereen aanspreken. Ieders zoektocht naar betekenis is waardevol, en ik respecteer ieders eigen zienswijze.
Zouden Uw wonderen bekend worden in de duisternis,
Uw gerechtigheid in het land van vergetelheid?
Ik echter, ik roep tot U, HEERE,
mijn gebed komt U tegemoet in de morgen.
Psalm 88: 13-14
De duisternis waarover de psalm spreekt, herinnert aan de duisternis die mensen ervaren. In zulke momenten rijst de vraag wat in herinnering blijft en welke gebeurtenissen hun sporen achterlaten — zoals de ramp in Japan.
De Bevraagde Duisternis
Soms voelt het alsof ons verdriet, onze pijn, nergens terechtkomt. Een stille plek. We kennen allemaal dat "land van vergetelheid," waar je bang bent dat je diepste gevoelens ongehoord blijven.
De psalmist stelt die vraag heel direct: "Zou iemand zich nog iets herinneren in die duisternis?"
We kijken dan naar gebeurtenissen zoals de ramp in Japan. Onmetelijke pijn. De vraag is: hoe houd je zoiets in de herinnering, en hoe vind je troost als de woorden op zijn?
De Stilte Verbroken
Het antwoord komt soms van de kunst. Kijk naar de blinde pianist Nobuyuki Tsujii. Hij speelde zijn eigen 'Herdenking', eigen compositie voor de slachtoffers van de tsunami in 2011 in Japan.
“Toen ik een kind was, zei ik eens: ‘Ik ben blind,’ … Het is mijn ware gevoel.”
— Nobuyuki Tsujii, The Mainichi Daily News
Midden in zijn muziek, overmand door emotie, laat hij zijn tranen. Zijn kwetsbaarheid was een daad van getuigenis. Het liet zien: ik voel jullie pijn, ik vergeet niet.
Die tranen, die menselijkheid, zijn de ware troost. Het is de erkenning dat de pijn er mag zijn en dat we die niet alleen hoeven te dragen. De muziek wordt zo de stem die we zelf even kwijt zijn.
De Roep van de Morgen
Wat doen we na zo'n moment van gedeelde pijn? De psalmist geeft een simpel, dagelijks antwoord: "Ik roep tot U, HEERE, mijn gebed komt U tegemoet in de morgen."
Dit is een keuze. Elke morgen opnieuw. Ongeacht hoe zwaar de nacht was, je kiest ervoor om je te richten op de dageraad. Om je stem te laten horen, of dat nu een gebed is of een melodie.
Troost is niet het verdwijnen van de duisternis, maar de actieve stap naar het licht. Het is het besluit om te blijven roepen, te blijven spelen, te blijven voelen.
Juist in deze daad ligt de onverzettelijke kracht van de hoop. Zoals de Franse dichter Guillaume Apollinaire opmerkte: "Et comme l’Espérance est violente - En wat is de Hoop geweldig sterk!". De hoop is niet passief, maar een krachtige roep, een gebed, die Hem toekomt in de morgen.
Wat Blijft
Zo vinden we de hoop niet in het ontkennen van de pijn, maar juist in het erkennen ervan. De tranen van de pianist, het eerlijke gebed uit de psalm, ze vertellen hetzelfde: je bent niet vergeten. De duisternis is bevraagd, en de ochtend nadert.
De ware troost zit in dit simpele ritme: we staan op, we roepen, en we luisteren naar de melodie die ons tegemoet komt.




